1 januari 2021

aardlekschakelaar

Polly Translate
Voiced by Amazon Polly

Ik wil een meterkast uitbreiden met een extra aardlekschakelaar, extra groepen en een extra groepenkast. Momenteel is er reeds een aardlekschakelaar gemonteerd, maar dit is niet genoeg aangezien er conform NEN 1010
maximaal maar 4 groepen per aardlek mogen worden aangesloten.
Hoe ga ik te werk?


De NEN 1010 bevat bijna 500 pagina’s met bepalingen, waarvan er een aantal van toepassing zijn op huisinstallaties.

Aangezien uit jouw vraag niet duidelijk is waarom je extra groepen nodig denkt te hebben, is een antwoord moeilijk te geven. Om te beginnen dien je de installatietekenig te wijzigen. Verder moet de installatie overzichtelijk en goed toegankelijk blijven etc. De bepaling van max. 4 groepen per aardlekschakelaar is om te voorkomen dat de gehele installatie spanningsloos wordt en dus het hele gebouw donker word. Voor woonhuizen niet echt belangrijk, maar wel voor (werk)plaatsen waar met machines en gereedschappen etc. gewerkt word.


Normaal gesproken heeft een huisinstallatie een hoofdzekering van 35 ampere. Deze wordt dan verdeeld over 5 groepen die met 16 ampere zijn gezekerd. (Je kunt dus deze 5 groepen nooit maximaal belasten (5×16= 80 A) omdat dan de hoofdzekering eruit gaat !!) Verbruikende toestellen met een aansluitwaarde van 3 kVA (zeg maar 3 kWatt) of meer dienen op een afzonderlijk eindgroep aangesloten te worden. Vandaar dat vaatwassers en wasmachines op een aparte groep zitten, die in dit geval niet met een aardlekschakelaar beveiligd hoeven te worden. Dit komt omdat toestellen die geleidend zijn verbonden met een metalen leidingstelsel (cv-ketels) en wasbehandelingstoestellen (wasmachines, vaatwassers en boilers etc.) op een beschermingsleiding (aardleiding) aangesloten moeten zijn. [ Deze bepaling 711.2.1 heeft tot doel om spanningversleping via metalen leidingstelsels te voorkomen.] Tegenwoordig wordt door de NEN1010 echter wel aanbevolen om deze groepen afzonderlijk te voorzien van een aardlekschakelaar van ten hoogste 100 mA.  De overige groepen (licht en stopcontacten) dienen beveiligd te worden met een aardlekschakelaar van ten hoogste 30 mA. Deze dient zowel de fase als de nul draad uit te schakelen. Tegenwoordig heb je gecombineerde overstroom/aardlek beveiligingen wat het allemaal wat simpeler maakt. Gezond verstand en een goede basiskennis van van elektrische installaties en voorschriften, zijn wel belangrijk voordat je begint, en anders goed overleggen met een installateur, voorkomt een hoop problemen.


Verder is het natuurlijk van belang dat je de installatie spanningsloos maakt voordat je aan het werk gaat en na afloop laat keuren door een installateur (anders heb je niks aan je brandverzekering).


**arjen**