25 januari 2021

Waarom wordt je bleek bij plotselinge kou?

Polly Translate
Voiced by Amazon Polly

Ik wil graag weten waarom je bij plotselinge kou ineens bleek wordt… zal wel iets met terugtrekkend bloed te hebben?

Groet,

Jessy.



Antw.: Je hebt gelijk, het lichaam reguleert haar centrale temperatuur door gebruik te maken van een geavanceerd regelsysteem. Dit bestaat grofweg uit: (Lees meer…….)

 














1


het aanmaken van warmte


2


het verplaatsen van warmte


3


het versneld afgeven van warmte of warmte-afgifte tegengaan.


Het aanmaken van warmte gebeurt door de verbranding van voedingsstoffen, die al dan niet eerst zijn omgezet in een vorm die voor elke cel bruikbaar is (“energiepakketjes”). Het meest bekend is de warmteontwikkeling door skeletspiercellen tijdens beweging, maar ook in rust vinden er in het lichaam processen plaats waarbij spiercellen betrokken zijn. Daarnaast verbruiken alle cellen altijd een hoeveelheid om hun basisfuncties uit te kunnen voeren (en daarmee in leven te blijven) en produceren dus een, zij het zeer kleine, hoeveelheid warmte. Als het lichaam extra warmte nodig heeft zal het dus spiercellen opdracht geven te gaan werken. Dit is immers de meest effici?nte manier van het lichaam om snel extra warmte tot haar beschikking te hebben.



Het verplaatsen van warmte gaat via het bloed: Als de omgevingstemperatuur oploopt wordt meer bloed van het inwendige naar de koelere oppervlakte van het lichaam gebracht. De lichaamswarmte wordt voornamelijk door straling en convectie (geleiding) aan de omgeving afgegeven. Zo geeft het warme bloed, terwijl het langs de koelere huid stroomt, zijn warmte af en keert terug met een lagere temperatuur. Op deze wijze wordt een constant peil gehandhaafd.



Als door het lichaam meer warmte wordt geproduceerd, bijvoorbeeld door beweging, zal het lichaam over gaan tot versnelde warmte afgifte: de haarvaten in de huid gaan open staan waardoor de bloedstroom door de huid toeneemt (de huid wordt rood) en het lichaam begint te transpireren. Door verdamping van transpiratievocht wordt een grote hoeveelheid warmte afgegeven.


Bij een lage omgevingstemperatuur is de huid koud, dus is bloed dat van de huid naar het inwendige terugkeert vrij koel. Het bloed zou zelfs zeer snel beneden de noodzakelijke temperatuur afkoelen als het lichaam er niets aan zou doen. Het meest logische zou zijn de bloedstroom door de huid te verminderen. Dit doet het lichaam dan ook. Het vernauwt de bloedvaten in de huid, waardoor de huid er bleek uitziet. Als deze aanpassingen de inwendige temperatuur niet op het juiste peil houden, begint het lichaam te rillen. Rillen is een vorm van onvrijwillige beweging die warmte produceert. Doordoor wordt de inwendige temperatuur van het lichaam verhoogd tot het juiste peil. Als het lichaam zijn warmte sneller verliest dan het die kan produceren zal de inwendige temperatuur dalen.



ALGEHELE ONDERKOELING


Algehele onderkoeling begint als de centrale lichaamstemperatuur onder de 35? Celsius komt. Meestal treedt bij 24? Celsius de dood in.


 


De mate van onderkoeling is afhankelijk van een aantal factoren:












de duur van de blootstelling aan de kou



de omgevingstemperatuur (+ de windsnelheid)



Bij de omgevingstemperatuur speelt ook de wind een belangrijke rol. De wind verlaagd de temperatuur die waargenomen wordt op de blote huid en daarmee het risico voor onderkoeling(/bevriezing). Dit effect wordt de “Windchill-factor’ genoemd.


LUCHTVOCHTIGHEID:



geleid warmte beter dan lucht. Hoe vochtiger, hoe sneller de onderkoeling optreedt.
In het water koelt het lichaam zelfs 27 keer sneller af dan in windstille lucht.









de mate van bescherming (kleding, beweging).



Natte kleding isoleert niet. Sterker nog: het vocht in de kleding zal gaan verdampen (of bevriezen). Dit zal zorgen voor nog sterkere afkoeling. Op het land koelt een slachtoffer met natte kleding aan 20 keer sneller af dan in dezelfde omstandigheden met droge kleding aan.


Bij algehele onderkoeling onderscheiden we vier fasen die de mate van onderkoeling aangeven. Inclusief hun bijbehorende symptomen zijn dit de volgende:









Fase1: toename van lichamelijke en psychische activiteiten. Inwendige lichaamstemperatuur < 35? Celsius.


Verschijnselen:


























bleek



rillen



uitputting



co?rdinatieverlies



snelle hartfrequentie



snelle diepe ademhaling



verward, suf tot agressief








Fase 2: afname van lichamelijke en psychische activiteiten. Inwendige lichaamstemperatuur tussen 34 en 30? Celsius.



Verschijnselen:



























geen pijn



zwakke pols



langzame en onregelmatige hartslag



slaperig, maar nog wel te wekken



star gezicht en spierstijfheid



onregelmatige ademhaling



rillen stopt








Fase 3: optreden van verlamming. Inwendige lichaamstemperatuur tussen 30 en 27? Celsius.



Verschijnselen:





















bewusteloos (niet te wekken)



wijde doch reagerende pupillen



nauwelijks te voelen pols



lange adempauzes



ernstige hartritmestoornissen kunnen optreden








Fase 4: schijndood/dood. Inwendige lichaamstemperatuur tussen 27 en 24? Celsius.



Verschijnselen:















geen pupilreflex



geen merkbare pols



ademstilstand



Opmerking: de genoemde fasen en symptomen gaan geleidelijk in elkaar over. De temperaturen zijn rectaal gemeten. Een gewone thermometer is daarvoor ongeschikt omdat deze een ondertemperatuur heeft van 35? Celsius.


Van: http://www.ontopweb.com/Bergsport/Medisch/Onderkoeling/Onderkoeling.htm#regulatie